Marebos

Van dorpsbakkerijtje naar één van de grootste van Nederland

In de ochtend van 4 oktober 1915 reed de 28-jarige Peter Hubert Odekerken (roepnaam Piet en beter bekend als “Pie”), Heerlerheide in met het eerste baksel uit zijn bedrijf. De oven had het goed gedaan, het brood zag er prima uit. Bakken was in die tijd zeer zwaar lichamelijk werk. Toentertijd waren er vrijwel geen machines in gebruik en werd alles met de hand gedaan. Jarenlange ervaring hadden Pie een feilloos gevoel voor receptuur gegeven en van hemzelf een efficiënt werkende machine gemaakt. Hij kon niet volstaan zijn werk te doen, hij was ook zakenman en niet te vergeten, tevens verkoper. Ondanks de zware arbeid en de zorgen die er ook geweest moeten zijn, bleef het zelfvertrouwen. Het oog bleef gericht op het doel; een bloeiende, vitale onderneming met kwaliteit hoog in het vaandel. Hoezeer bakker Pie Odekerken in die eerste moeilijke jaren heeft kunnen steunen en vertrouwen mag blijken uit het feit dat, toen hij 11 jaar na de oprichting overleed, zijn 38-jarige echtgenote Josefien Odekerken-Dounen het bedrijf voortzette. Pie was bezig op een dag in mei met venten, dat hij in de beginperiode, na de middag eerst per fiets deed en later met paard en wagen. Op die bewuste dag sprong hij in zijn haast naast de opstap van zijn wagen waardoor in zijn manoeuvre de paarden voor de wagen op hol sloegen. Hij spoedde zich ogenblikkelijk want niet alleen zijn paard en wagen wilde er vandoor maar ook zoon Johan zat nog voorop de bok. Tijdens de paardenkrachten in bedwang te houden, is hij ongelukkig ten val gekomen onder de wagen en werd door zijn eigen wagen overreden waarbij een wiel zijn been had opengereten en ook was gebroken. Hij werd naar het hospitaal gebracht, waar het been werd geamputeerd tot boven de knie. Pie overleed aan de gevolgen op 39-jarige leeftijd (29-05-1926) in het ziekenhuis te Heerlen na een ziekenbed van wondkoorts en bloedvergiftiging. In die tijd was er geen antibioticum voorhanden om hiervan te genezen. F1926-01

Doorgaan was ook de enige oplossing, ondanks het grote verlies van haar man Pie. Er moest geld verdient worden, immers Josefien bleef achter met 5 kinderen van 1 tot 11 jaar. Ondanks de dubbele taak die op haar wachtte, stond het hele gezin achter haar. Iedereen werkte mee op zijn eigen wijze en naar zijn kunnen en mogelijkheden. Vooral haar oudste zoon Sjef ontpopte zich als bakker en zakenman. Zijn opvoeding in de nuchtere werkelijkheid van hard werken, had al vroeg een man van hem gemaakt.

Op 18-jarige leeftijd in 1933, kreeg Sjef “handlichting” waardoor hij als volwassene werd erkend en dus bevoegdheid kreeg, de onderneming zelfstandig te leiden. De verdere ontwikkelingen werden in de oorlogsjaren niet geremd. Integendeel, het zwaarwegende stelsel van verordeningen en reglementen werden de zweep, die tot nog grotere activiteit aanspoorde. Een voorbeeld is wel het geval van de 100 balen. Er was een maatregel afgekondigd hetgeen inhield, dat een bakkerij met een omzet van 100 balen of meer per week als “industrie t.b.v. de voedselvoorziening” zou worden beschouwd. Binnen een aantal weken moest deze omzet kunnen worden aangetoond en dan zouden alle personeelsleden worden vrijgesteld van “Arbeitseinzats”. Die 100 balen kwamen er en ook de “Ausweis“. Hoe hard en moeizaam daaraan is gewerkt kunnen wij ons niet meer voorstellen. Door deze merkwaardige ontwikkeling was de bakkerij in Heerlerheide zo goed als uit zijn jasje gegroeid. Ook het automobiel deed zijn intrede. Eerst eentje voor de verre wijken en later nog een en nog een…. Enfin, de laatste trouwe viervoeters zijn in 1960 voorgoed op stal gegaan.

In 1943 werd bakkerij Winkelman aan de Nieuwstraat 46-48 in Hoensbroek aangekocht om de gegroeide productie te kunnen opvangen. In dat zelfde jaar trad ook broer Johan Odekerken toe tot het bedrijf, daar de taak voor Sjef te zwaar werd. Johan heeft in die jaren die volgden Hoensbroek onder zijn hoede genomen. In broederlijke samenwerking bouwden zij verder aan hun bedrijf, dat nu in de wereld kwam onder de naam Odekerken N.V.

Niet te vergeten, in die tijd werden er tevens grote slagen gemaakt qua industrialisatie en techniek. Tussen 1940 en 45 had in Europa immers de ontwikkeling praktisch stilgestaan. Na de bevrijding was hier een reusachtige achterstand in te halen. Arbeid bleek geen probleem maar wel de investeringen. Voor een efficiënt bedrijf moesten er machines worden gekocht. Ook bij Odekerken N.V. speelde het streven naar efficiency een grote rol. Aanvankelijk was de bakkerij een arbeidsintensief bedrijf maar daarin moest verandering komen. Kortom het was investeren of ten onder gaan. Odekerken N.V. begreep, dat het onmogelijk zou zijn voor alle midden- en kleinbedrijven om voldoende in hun bedrijven te investeren. Voldoende om in de strijd van hun bestaan overeind te blijven. Ieder behoorlijk rendement zou dan zoek zijn, afgezien van een dergelijke investering te financieren. Het ligt voor de hand dat werd gedacht aan samenwerking en samenvoegen van bedrijven maar de praktijk leerde al spoedig, dat daartegen veel bezwaren rezen, vooral van psychlogische aard. Een bakker is een vrij man en hij wil dat desnoods te koste wat kost zo lang mogelijk blijven. Velen konden in deze bewogen tijd nog niet tot nuchtere zakelijkheid komen. Men zag nog niet de mogelijkheid van een samenwerking in volle vrijheid, zoals wij nu in de praktijk van alledag gerealiseerd zien.

In 1950 trad zijn jongste broer Lei Odekerken toe, nadat deze was afgezwaaid als Sergeant-majoor van zijn militaire dienst in Indonesië en was thuisgekomen met het troepentransportschip de Groote Beer. In broederlijke samenwerking bouwden zij verder aan hun onderneming.

F1950-01

In 1953 verliet broer Johan het bedrijf om eigen perspectieven te ontdekken, samen met vrouw en kinderen werd er verhuisd naar Roermond. Aldaar stichtte hij samen met zijn echtgenote en zakenpartner Elly Odekerken-Visschers, OVIS roggebroodfabriek. Lei nam in die tijd het stokje over van Johan en runde de bakkerij aan de Nieuwstraat in Hoensbroek.

Beide broers Sjef en Lei hadden in datzelfde jaar ook grote plannen, waarvan de oprichter, hun vader, Pie Odekerken alleen maar van had kunnen dromen. In 1953 werd de Nederlandse Bakkers Compagnie (NeBaCo) opgericht. Het was de bedoeling dat via deze NeBaCo het midden- en kleinbedrijf verlost zou worden van de grootste productiezorgen. Een efficiënt centraal productiebedrijf zou bakkerijproducten leveren aan een grote kring van bakkers c.q. wederverkopers. Deze zelfstandige ondernemers werd op die manier de kans geboden de productie van onrendabele producten, zoals brood in vele soorten af te stoten. De nodige investeringen zouden voor rekening en risico van NeBaCo komen, terwijl de baten niet alleen aan de NeBaCo maar ook de bakkers, wederverkopers zouden toevloeien. Het is goed gegaan. Steeds meer bakkers in Limburg zagen de kans die hun werd geboden. De kans op een menswaardig, zorglozer, plezieriger bestaan met betere winstmogelijkheden. Naast de stam-bakkerij in Heerlerheide was inmiddels de ruimere bakkerij in Hoensbroek in volle productie. Heerlerheide leverde hoofdzakelijk het banket c.q. patisserie producten en Hoensbroek het brood.

Men is van mening, dat de Limburgse Middenstandsbakkerijen gaan inzien, dat er grote voordelen verbonden zijn aan het afstoten van hun eigen broodproductie daar het betrekken van efficiënt gebakken brood van elders meestal belangrijke voordelen blijkt op te leveren. De huidige ontwikkeling in de Nederlandse bakkerij wijst ook geheel in deze richting. Voor vele zelfstandige bakkers zou hiermee ook de mogelijkheid open blijven om in een gezond bedrijf, zij het in een gewijzigde vorm hun zelfstandigheid te behouden. Het streven zal er op gericht zijn om het de kleine bakker makkelijker te maken, hem meer winstmogelijkheden te bieden en hem een aangenamer leven te verschaffen. Met dit doel werden de plannen voor de nieuwe NeBaCo bakkerij gemaakt.

NeBaCo groeide verder, werd volwassen en zelfstandig en maakte zich los van de moeder Odekerken N.V. In 1958 werden de eerste plannen gemaakt om een grote hypermoderne broodfabriek te gaan bouwen, de eerste fabriek van de NeBaCo. Mede doordat de broodfabriek in Hoensbroek niet heel lang meer in werking kon blijven wegens grote mijnschade. Om dit te bereiken werd het kapitaal van de NeBaCo aanzienlijk verhoogd en kreeg een raad van commissarissen. Deze was samengesteld uit de heren mr. dr. A.J.J.C. Begheyn uit Nijmegen, dr. J.L.M. Herold uit Maastricht en gedelegeerd commissaris J. Kemeling uit Arnhem, hiermee werd NeBaCo een zelfstandige N.V. De heer Kemeling heeft tijdens een persconferentie in Heerlen het een en ander over de nieuwe plannen uiteengezet.

Marebos bakkerijproducten N.V. in Brunssum was de eerste moderne broodfabriek van de Nederlandse Bakkers Company (NebaCo) N.V. De bakkerij is gesticht in samenwerking tussen de Nederlandse Bakkers Company (NebaCo) N.V. en Odekerken N.V. uit Heerlerheide. Zij kregen de beschikking over een bouwterrein van 10.000 m2 op de hoek van Maastrichterstraat en de Marebosjesweg. Hierop zal een fabriek verrijzen met een vloeroppervlakte van ongeveer 1.500 m2 en een inhoud van 5.000 m3. Over de inrichting en het productieproces had Sjef grote plannen. Fabriek bekijken in New YorkHiervoor is hij zich ook gaan oriënteren aan de overkant van de oceaan bij fabrieken in New York. Immers Amerika lag in die tijd ver voorop qua industrie. Voor de ultra-moderne broodfabriek werd ook aansluiting gezocht bij de afdeling Bakkerijtechniek van het instituut T.N.O. te Wageningen en in samenwerking met de architecten, de heren B.A. Schinkel te Sittard en J. Petit te Heerlen werden de plannen uitgewerkt. “De bakkerij van morgen” wordt het tekenend genoemd.

De landbouwers van Loo en Hendriks waren amper van het maaiveld verdwenen aan de Maastrichterstraat of het aannemersbedrijf Marcel Muyres N.V. uit Sittard was al present. Groot materiaal werd uitgezet en de arbeiders begonnen met de afrastering van dit ruim 10.000 m2 grote bouwterrein. De eerste spade gaat 17 augustus in de grond. De nieuwe naam voor deze fabriek zal Marebos bakkerijproducten N.V. worden, hiervoor is al reeds ministeriële goedkeuring voor verkregen. De naam “Marebos” is gekozen omdat de plaats waar de nieuwe fabriek wordt gebouwd, aangeduid werd met “het Marebosje”. De maretak wordt beschouwd als symbool voor geluk en Marebos zal in haar nieuwe logo dan ook een maretak doorvoeren. Naar verwacht wordt zal de fabriek in maart 1960 gereedkomen en zal in eerste instantie voor 30 mensen werk kunnen bieden.

De fabriek voor brood en banket word uitgerust met de modernste machines, een efficiënte machinale inpakafdeling en een enorm broodmagazijn. De broodbakkerij zal in het bezit komen van een ingenieuze, moderne oven welke met olie zal worden gestookt. Deze heeft een lengte van 25 meter en zal ongeveer 1.600 broden per uur kunnen produceren. Dagelijks zullen 15.000 broden deze fabriek verlaten. Verder krijgt de fabriek een banketbakkerij, die verdeeld wordt in een “warme” en “koude” afdeling. In de warme afdeling zullen verschillende gebaksoorten worden gebakken, die dan vervolgens naar het souterrain worden getransporteerd om daar in een weldadige koelte onder gunstige hygiënische omstandigheden te worden afgewerkt. Bovendien komt de fabriek in bezit van een bijzondere efficiënte machinale inpakafdeling en enorm broodmagazijn waarvan één wand bestaat uit met rolluiken afgesloten doorgeefkasten. Door deze kasten gaat het brood, dat via een lopende band wordt aangevoerd uit de bakkerij in de wagens van de bezorgers. Voorts zijn er in het gebouw nog aanwezig een kantine, een wasgelegenheid met douches, een onderkomen voor de bezorgers en kantoren voor de bedrijfsleiding.

Rob Odekerken heeft 09 december 1959 op zijn vrije woensdagmiddag de eerste steen gelegd bij de hypermoderne ingerichte bakkerij Marebos N.V. Onder het belangstellende oog van autoriteiten en bouwvakkers, klaarde Rob op vakkundige wijze zijn taak, door de steen aan de ingang van het gebouw in te metselen. Het was eigenlijk dubbel feest die dag hadden vaklieden eerder die dag al de “mei” geplaatst op het gebouw.

In maart 1960 werd er succesvol proef gedraaid. Het bedrijf is zo ingericht dat een hygiënische bewerking en een constant product gewaarborgd zijn. In de knederij worden de grondstoffen gemengd, het deeg wordt automatisch in kleine hoeveelheden verdeeld, machinaal opgebold, naar de bollenrijskast getransporteerd en na langgemaakt te zijn wordt het pasklaar in de bakbussen gedeponeerd. De bakbussen verdwijnen op wagentjes en daarna slokt een oven van 25 meter ze op.

De Odekerken N.V. zal haar broodbakkerij in de Nieuwstraat te Hoensbroek opheffen. Het filiaal in Hoensbroek heeft veel te lijden van mijnschade. Het bedrijf in Heerlerheide wordt wederverkoopster van de NeBaCo maar zal gespecialiseerd worden als banketbakkerij, voor het fijnere banket. Hierna volgden alweer de eerste uitbreidingen van Marebos N.V.

De nieuwe automatische broodoven van Marebos mag een wonder van techniek heten. Hij beslaat 1/3 deel van de in totaal 90 meter lange “broodstraat”. De vloer van de oven bestaat uit een lopende band. Aan de ene kant van de oven neemt de band de bussen met deeg op, hij voert ze in een gelijkmatig tempo door de oven heen en stoot aan de andere kant van de oven warm, geurig en goudbruin brood uit. Door de lopende band sneller of langzamer te laten draaien kan men de baktijd verkorten of verlengen. Men kan natuurlijk ook naar wens, de temperatuur regelen. Deze broodstraat produceert 3.600 broden per uur!

De officiële opening in 1968 in

aanwezigheid van toenmalig Commissaris van de Koningin, Gourverneur van Limburg, Charles van Rooy.

Hier werden het bekende Vita Nova-brood in 8 soorten in een “blijfvers”-verpakking gefabriceerd.

Er wordt gewerkt aan verdere historie van Marebos!

”Hard times don’t create heroes. It is during the hard times when the hero within us is revealed.” – Bob Riley

Opt In Image

Laatste updates ontvangen? Schrijf u Gratis in:

3 Replies to “Marebos”

  1. Ik ben in dienst geweest vanaf 1969 tot en met 2001 bij Odekerken Marebos, later Meneba!
    Hard gewerkt, mooie tijd!
    Theo Stevens

  2. Ik heb bij de Marebos gewerkt in de vlaaibakkerij, hele leuke en gezellige tijd met hele leuke collega’s.

  3. Ik wist niet dat de fabriek net nieuw was toen ik er als aankomend werktuigbouwkundig student stage liep. Het was in de zomer van 1968 ontzettend warm. Als dan ’s middags de transportketting vastliep tussen die lange oven en de muur waar de zon op stond te branden was dat een uitdaging voor de technische dienst. Petje af.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*